Theorieboek voor het motor rijbewijs - page 30

30
Motor-theorie
Het complete verkeerstheorieboek
Algemene bepalingen verkeerswetgeving
A
autosnelweg
Verschil kruispunt en kruising: op een kruispunt mag je links of rechts afslaan en op
een kruising mag dat niet. Een kruising kan zowel gelijkvloers als ongelijkvloers zijn.
Verplicht fietspad: hier moeten fietsers en snorfietsers gebruik van maken.
Onverplicht fietspad: dit fietspad is alleen voor fietsers.
Autoweg: max. snelheid 100 km/u buiten de bebouwde kom en 50 km/u binnen de
bebouwde kom. Let op: hier kun je tegenliggers verwachten.
Autosnelweg: max. snelheid 130 km/u. Je kunt hier geen tegenliggers verwachten. De
rijrichtingen zijn gescheiden door vangrails en/of bossages.
Plusstrook: een extra linkerrijstrook die tijdelijk wordt opengesteld als rijstrook bij
intensief verkeer.
Spitsstrook: een vluchtstrook die tijdelijk wordt opengesteld als rijstrook bij intensief
verkeer.
Vluchtstrook/vluchthaven: te gebruiken bij pech, maar niet om te bellen, te eten of
kaart te lezen.
- Autoweg: 100 Km/u
- Autosnelweg: 130 Km/u
-Bromfiets: geen motorvoertuig - Iemand met een pony of paard bestuurder
-Haaientanden
Voorrangsdriehoeken
-Gelijkvloersekruising
niet afslaan
alleen rechtdoor
-Ongelijkvloersekruising wegen niet op dezelfde hoogte
autoweg
1...,20,21,22,23,24,25,26,27,28,29 31,32,33,34
Powered by FlippingBook